Ga naar hoofdonderdeel

Verhaal

Motorclub Heerlen

16 september 2026

Door: Joost Heesakkers

Historische groepsfoto van motorrijders met petten en leren jassen, poserend op een lange rij motorfietsen voor een hotel-restaurant, met toeschouwers achter hen. 16 motorfietsen met leden van de "Heerlensche Motorclub", opgesteld voor hun clublocaal Hotel Germania aan de Saroleastraat 13 te Heerlen. De foto is gemaakt vóór de start van een z.g. vossenjacht, op zondag 28 november 1920. Let op de vlaggen op de motorfietsen en de dichte wielen van P-1722.

De Motorclub

Deze foto is beschikbaar gesteld door Jan Bosveld, via Albert Groenenboom aan de Veteraan Motoren Club. Er is met pen bijgeschreven "Haarlemsche Motorclub op Vossejacht". Echter het zijn allemaal provinciale Limburgse kentekens. In onderstaande tabel is aangegeven welke motorfietsen op de foto staan en aan wie die toebehoorden, voor zover dat is na te gaan. De meesten zijn uit Heerlen afkomstig: Van links naar rechts:

  1. P-nummer niet zichtbaar, Merk: Douglas

  2. P-nummer niet zichtbaar, Merk: Indian, Type: Power Plus

  3. P-nummer niet zichtbaar, Merk: Harley-Davidson

  4. P-nummer niet zichtbaar, Merk: Excelsior, Type: Series 17, vermoedelijk is dit de heer W.Timmers

  5. P-1762, Merk: vermoedelijke een NSU, eigenaar is Peter Leonardus Meys, Geerstraat 58 Heerlen, nummerbewijs is afgegeven op 11 april 1919

  6. P-nummer niet zichtbaar, Merk, Engelse tweetakt?

  7. P-1963, Merk: Triumph H, eigenaar is Eduard Martinus Joseph van de Voort uit Nieuwenhagen, nummerbewijs is afgegeven op 30 juni 1919

  8. P-2906, Merk: Rover, eigenaar is Joseph Hubert Antoon Dominicus Schobben uit Ubach over Worms, nummerbewijs is afgegeven op 11 juni 1920

  9. P-1722, Merk: Reading-Standard, eigenaar is Leonard Alouis Hubert Haemers uit Heerlen, nummerbewijs is afgegeven op 25 maart 1919

  10. P-nummer niet zichtbaar, Merk: Triumph

  11. P-3138, Merk: Douglas, eigenaar is Johannes Hermanus Martinus Uitewaal uit Heerlen, nummerbewijs is afgegeven op 9 augustus 1920

  12. P-3129, Merk: Indian, Type: 1915 Big Twin? eigenaar is Paulus Petrus Hubert Gustaaf Scheffers uit Brunssum, nummerbewijs is afgegeven op 4 augustus 1920

  13. P-1915, Merk: Harley-Davidson, Type: 1915 of vroeger? Eigenaar is Hendrik Horn, Emmastraat 7 Heerlen, nummerbewijs is afgegeven op 6 juni 1919

  14. P-1049, Merk: Triumph, eigenaar is Joannes Josephus Dabekaussen, Welten H81, Heerlen, nummerbewijs is afgegeven op 12 augustus 1914

  15. P-1279, Merk: onbekend, eigenaar is Petrus Hubertus Houtackers, Hoofdstraat 37 Schaesberg, nummerbewijs is afgegeven op 6 oktober 1915

  16. P-nummer niet zichtbaar, Merk niet te bepalen.

In de linker onderhoek van de raam met de tekst "HOTEL" staat de tekst Fr. Leufkens Heerlen (alleen te lezen door ver in te zoomen). Frans Leufkens had een Spiegelfabriek – Glasslijperij in Heerlen en heeft dus kennelijk het glas met de teksten "BILJARDS", "HOTEL" en RESTAURANT" geleverd.

De motorfietsen zijn bijna allemaal voorzien van een vlag met een tekst en een nummer. Nummer 10, 13 en 20 zijn zichtbaar. De volgende letters zijn te herkennen H….NSCHE MOT….

Gelukkig hebben we Delpher en na wat speurwerk blijkt dat dit niet de Haarlemsche Motorclub is, maar de Heerlensche Motorclub!

We zien 16 motorfietsen met leden van de motorclub, opgesteld voor hun clublokaal Hotel Germania aan de Saroleastraat 13 te Heerlen.

De staatnaam lijkt heel toepasselijk te zijn. Echter in dit geval verwijst deze niet naar het motorfietsmerk Sarolea, maar naar Henri Sarolea.

Henri Sarolea was als directeur-generaal van de Nederlandsche Zuider-Spoorwegmaatschappij verantwoordelijk voor de aanleg van de spoorlijn tussen Sittard, Heerlen en Herzogenrath. Toen in 1899 de eerste steenkolenmijn van Heerlen in bedrijf kwam, werden de kolen via deze spoorlijn vervoerd. Eind 1906 werd een straat aangelegd die het station met de markt verbond. Als eerbetoon aan Sarolea en zijn betekenis voor Heerlen kreeg deze de naam Saroleastraat.

In de foto zijn de rijders warm gekleed met overbroeken, wollen jassen, handschoenen en sjaals. Geheel rechts zijn wel nog bladeren aan de bomen te herkennen. Daaruit valt af te leiden dat de foto is gemaakt in het najaar. Op de foto staan vooral heren en slechts één dame.

Met dank aan Delpher is niet alleen de locatie, maar ook het tijdstip en de gelegenheid achterhaald. Maar daarover later meer. En mocht iemand meer personen herkennen, dan laat een reactie achter.

Oprichting

De Heerlensche Motorclub is opgericht op donderdag 5 augustus 1920. Op zondag 1 augustus werd reeds een proeftocht gemaakt naar Weert. Om 9 uur ’s morgens kwamen de deelnemers bijeen voor het hotel Germania en tegen half 10 vertrok de stoet, samengesteld uit 14 motorrijwielen met achterop zittende dames. Omdat deze tocht zonder ernstige incidenten, behalve enige kleine pechgevallen zoals een bandreparatie en een vette bougie, bijzonder goed geslaagd was, werd besloten op donderdag 5 augustus een vergadering te beleggen in hotel Germania om tot definitieve oprichting te komen van de Heerlensche Motorclub. 32 leden uit Heerlen en omstreken gaven zich op als lid.

Tijdens de oprichtingsvergadering werd dhr. Hendrik Horn uit Heerlen, tot voorzitter gekozen, tot secretaris dhr. Paul Scheffers uit Rumpen-Brunssum en tot penningmeester dhr. Eduard van de Voort, wonende aan de Schoolstraat in Heerlen. De naam van de club werd vastgesteld op „Heerlensche Motorclub V.B.". Verschillende nieuwe leden traden nog, staande de vergadering, toe. Tevens werd besloten zondag 15 augustus 1920 de eerste grote verplichte clubtocht te houden. Voor deze tochten werd besloten een geschikte hulpkist met onderdelen en een verbandkist aan te schaffen.

Toevallig (?) rijdt op vrijdag 6 augustus de Holland-Engeland rit door Limburg en zij pauzeren een half uur in Hotel Germania. Mogelijk dat de hiermee gepaard gaande publiciteit heeft bijgedragen tot de oprichting van de club.

De eerste verplichte toertocht van 15 augustus voerde de deelnemers vanuit Heerlen naar de Plasmolen in Gennep en weer terug naar Heerlen. Tot voorrijder was benoemd de heer G. van der Weijer uit Heerlen, en tot Captain de heer W. Tummers of Timmers op Excelsior, eveneens uit Heerlen. Bij aankomst aan de Plasmolen werd een picknick gehouden. De afrit had plaats vanaf hotel Germania, om precies negen uur ’s morgens.

Betrouwbaarheidsrit

Historische krantenadvertentie van de Heerlensche Motorclub met een oproep voor een betrouwbaarheidsrit op zondag 24 oktober en een ledenvergadering op vrijdag 15 oktober in Hotel Germania te Heerlen. Limburgsch Dagblad 13 oktober 1920

Middels meerdere grote advertenties in het Limburgsch Dagblad werd opgeroepen tot deelname aan een door de Heerlensche Motorclub georganiseerde betrouwbaarheidsrit over een afstand van 130 km, op zondag 24 oktober 1920.

De volgende wegen werden gevolgd: Heerlen - Simpelveld - Vaals - Valkenburg - Maastricht - Beek - Elsloo - Berg aan de Maas - Sittard - Heerlen. De afrit had plaats voor Hotel Germania te Heerlen om 9 uur ‘s morgens. Voor deze rit waren prachtige prijzen beschikbaar gesteld ter waarde van ongeveer 200 gulden, waaronder één Germaniaprijs (geschonken door Hotel Germania) een Monopolprijs (geschonken door Firma Wolff en Hertzdahl te Heerlen). Er was een extra prijs voor de rijder die over de afstand tussen de Steenfabriek Kochten aan de Sittarderweg en Hotel Germania aan de Saroleastraat het langste reed.

Onderweg moesten verschillende hellingen en talrijke scherpe bochten genomen worden. Een gedeelte van de Holland-Engelandrit, maar dan in omgekeerde richting, was in het parcours opgenomen. Er werd over het algemeen goed gereden. 17 van de 21 deelnemers wisten de rit binnen de voorgeschreven tijd te volbrengen. Er werd in drie klassen gereden met een gemiddelde snelheid van 30, 35 en 40 km/h. De eerste prijs was voor Joh. Uiterveen, de tweede prijs voor F. Leufkens en de derde prijs voor H. Quadvlieg, die ook de prijs voor langzaam rijden zonder stoppen won.

Vossenjacht

Op zondag 28 november 1920 werd een z.g. vossenjacht georganiseerd. Het doel van deze tocht was het opsporen van de clubvlag met een nader vast te stellen nummer (dat de vos voorstelt) welke vlag op een niet vooraf bekendgemaakte plaats bevestigd werd. De vos moest een afstand afleggen van 100 km en om de 2 km een spoor bestaande uit het uitwerpen van confetti achter laten en mocht zich niet verder dan 30 km in vogelvlucht van Heerlen verwijderen. Het vertrek had plaats om half 12 ‘s morgens vanaf Hotel Germania.

Er waren diverse prijzen te winnen, o.a. als 1e prijs een stel buitenbanden geschonken door de Firma Auto Motor te Heerlen, en als 2e prijs een gouden medaille, geschonken door de Firma W. J. Stokvis Oliehandel te Arnhem. De 3e prijs werd door de H. M. C. ter beschikking gesteld.

Bij overtreding van het politiereglement door een deelnemer die voor een prijs in aanmerking kwam, kwam deze prijs vervallen, en aan de opvolger worden uitgereikt.

Om 13:55 uur werd „de vos" te Slenaken ontdekt door dhr. E. v. d. Voort, welke hiermee de eerste prijs verwierf. De tweede prijs was voor dhr. Schrijen uit Simpelveld, die 1 minuut later de vos op ’t spoor kwam. De heer J. Salden kreeg rond 14:30 uur Reintje onder schot en werd de derde prijswinnaar. De wedstrijd had een zeer prettig en spannend verloop en het politiereglement werd stipt gevolgd.

Dit is dus (zeer waarschijnlijk) het evenement waarbij de foto aan het begin van het artikel is gemaakt.

K.N.M.V. winterbetrouwbaarheidsrit

Op donderdag, vrijdag en zaterdag 24, 25 en 26 februari 1921 organiseerde de K.N.M.V. een winterbetrouwbaarheidsrit over 1.275km. De start en finish was en Den Haag. Het doel was de betrouwbaarheid aan te tonen van het motorrijwiel en drie- en vierwielige motorrijtuigen (kleine auto's met hoogstens twee zitplaatsen).

Deelname was opengesteld voor leden en kandidaat-leden van de K.N.M.V. en K.N.A.C. en voor leden van erkende clubs, die geen lid waren van de K.N.M.V. De machines moesten geheel als standaard toermachines zijn uitgerust en voldoen aan de bepalingen der Motor- en Rijwielwet. De route omvatte geheel Nederland en was verdeeld in drie gedeelten. De Heerlense Motorclub nam de leiding over het traject in Zuid-Limburg op zich.

Oude krantenadvertentie met een tekening van een fiets en de kop ‘Rijwielzaak geopend’. Auto Garage ‘Moderne’ van v. Bergen, Henegouwen en Jansen, tegenover het St. Jozef Hospitaal in Heerlen, adverteert met rijwielen, onderdelen, verhuur en reparaties. Advertentie in De Limburger Koerier 27 april 1918. Op 14 maart 1917 werd het kenteken P-1503 afgegeven aan de Garage Moderne, Heerlen. Op 25 juli 1921 werden de kentekens P-4115 t/m P-4118 geregistreerd op naam van Matheus Antonius van Bergen Henegouwen, Akerstraat 7, Heerlen.

Er startten 33 deelnemers waaronder drie leden van de Heerlense motorclub Thijs van Bergen Henegouwen (garagehouder, 28 jaar) met Joseph Schobben (secretarieambtenaar, 22 jaar) achterop op een Triumph 4 PK en Jan Eshuis (mijnwerker/rijwielhandelaar) met een Reading Standard. Thijs van Bergen Henegouwen had sinds april 1918 een rijwielhandel annex auto- en motorgarage aan de Akerstraat 7 te Heerlen, tegenover het toenmalige Sint Jozef hospitaal.

Gelukkig was het alle drie de dagen droog weer en overdag zo’n 12-14 °C. Eshuis wordt 4e in de klasse B. Van Bergen Henegouwen krijgt de prijs voor de grootste pechvogel. Hoe dat zo is gekomen wordt door secretaris E v.d. Voort beschreven in een artikel in Het Motorijwiel en de Klein-Auto van 30 april 1921. Dit kostelijke artikel is hieronder één op één overgenomen.

“Lotgevallen van een Triumph-rijder en zijn duo-passagier (Naverteld door den secretaris van de M.C. Heerlen).

Eerste dag.

Alle formaliteiten waren vervuld, zoodat om vier uur des ochtends kon worden gestart. Al slingerend kwamen ze tot even vóór Willemsdorp. De 4 P.K. Triumph bleek nog niet gewend te zijn aan het medevoeren van een duo-passagier en een flinke hoeveelheid bagage. Hij begon in zijn cylinder te rabbelen en bleef staan. Al spoedig kwamen ze tot de ontdekking, dat er een klep was stukgeslagen. Erger nog was de gewaarwording, dat er onder de reservedeelen geen enkele klep aanwezig was. Daarom echter niet getreurd. Te voet liep de bestuurder naar Willemsdorp, waar hij spoedig een auto had gehuurd, waarmede hij naar Dordrecht tufte. Het scheen wel, alsof het geluk de rijders onderweg niet heeft kunnen bijhouden, want nergens werd een klep gevonden, die eventueel in aanmerking zou kunnen komen. Eindelijk, na lang zoeken, kreeg men een klep in handen, die vóór het gebruikt afgedraaid diende te worden. Op de plaats van het onheil terug gekomen, werd de machine tot aan de pont op sleeptouw genomen. Gedurende den overtocht werd de machine weer rijklaar gemaakt. Door een en ander werd er twee uur te laat gestart, wat niet wegnam, dat het tweetal slechts 10 minuten te laat in Domburg aankwam. Na op tijd uit Domburg vertrokken te zijn, werd met succes doorgereden tot aan Breda. De rijders dachten nu voorloopig van den pechduivel bevrijd te zijn, doch in Teteringen bemerkten zij, dat zij in het bezit waren van een verkeerde startkaart. Er zat niets anders op dan rechtsomkeert te maken. De Triumph zette echter zijn beste beentje voor, en zonder ongelukken werd Venlo bereikt.

Tweede en derde dag.

Na van een goede nachtrust te hebben genoten, kropen de pechvogels vroeg uit de veeren en togen ze naar het verre Zuiden. Een en ander ging gepaard met een kleine reparatie. Een klepspie gaf er den brui van en deze moest aan een controle snel worden vernieuwd. Aan de controle in Valkenburg waren er met mij velen, die de moedige deelnemers aan den betrouwbaarheidsrit opwachtten. Zeker en gewis klopte ons aller hart, toen de eerste in zicht kwamen. Tot mijn spijt moest ik mij toen met mijn medecontroleur snel uit de voeten maken, om verschillende controles te waarschuwen. Tusschen Termaer en Hoogcruts lieten we alles de revue passeeren, om te zien of de vertegenwoordigers van de Heerlensche Motorclub present waren. Nadat de eerste rijders ons voorbij waren gereden kwam ook Jan Eshuis op Reading en van Bergen Henegouwen met Schobben achterop in het zicht. Deze combinatie begon, toen ze ons in de gaten kreeg, zich in motor-acrobatiek te oefenen, want plotseling zwaaiden twee paar armen door de lucht, terwijl ze hun motor ongeveer gedurende een 100 meter aan zijn lot overlieten. Wie riepen „hoera", maar dachten, als dat maar goed afloopt. Toen we verschillende rijders voor stoppen, enz. „op de bon" hadden staan, kwam ook van B.H. aan de beurt, die, na vergeefsche pogingen om zijn motor op gang te krijgen, weer een gebroken klep constateerde. Snel begon hij de zaak te demonteeren, en reeds spoedig kwam er een stuk roestig ijzer voor den dag, en daar hij geen reserve-klep bij de hand had, bedacht hij zich geen oogenblik, doch nam bij den eersten den besten boer de kachel in beslag, en toen ving het smeden van een klep aan. Bij het klinken was de boer behulpzaam, die tot dank een stevigen tik op zijn vingers kreeg te slikken. Na even te hebben proefgestoomd, gingen de pechvogels weer verder en reden met succes tot even vóór Vaals door. Hier gaf de zelfgemaakte klep het weer op. Tot hun geluk kwam er toevallig een motorrijder voorbij, die hen tot Vaals sleepte. De duopassagier maakte van deze gelegenheid gebruik om een kleine massage te ondergaan. In vertrouwen deelde hij mede, dat hij reeds in onderhandeling was met een leerlooier…. Van Bergen bofte nu eens werkelijk. In een zevental minuten was de nieuwe klep ingezet en had hij nog juist den tijd zijn reisgenoot op te halen en vóór het sluiten van de controle in Vaals aan te komen. In Heerlen waren alle deelnemers, op van B. na, reeds gepasseerd. Reeds was er een auto vertrokken om hem tegemoet te gaan, toen er een telefonisch bericht kwam dat hij zojuist uit Vaals was vertrokken en dat er reserve-kleppen voor hem gereed gehouden moesten worden. De belangstelling aan de controle groeide met de minuut. Toen plotseling een schreeuw en daar kwam van B. aan met een vaartje van ? ? ? K.M., maar 1 ½ uur te laat.

Zwart-witfoto van twee mannen met leren motorkappen op een motorfiets op een modderig bospad. Rond de koplamp hangt een reserveband. Links staat een ingevoegd close-upportret van een man met een leren motorkap. Bovenstaande foto is geplaatst in De Sport Illustratie van 2 maart 1921 met als bijschrift "Bieze doorworstelt den zwaren landweg bij Ede, dien verscheidene deelnemers oversloegen'. Echter de omderschriften van de afgebeelde foto's lijken verwissend te zijn. Er was immers maar één deelnemer die met twee personen op een solo motorfiets deelnam aan de K.N.M. V. Winterrit. Alle andere deelnemers waren solo-rijders. En wie goed kijkt ziet dat de duopassagier wel heel veel gelijkenis vertoont met Schobben (P-2906, inzet links) in de groepsfoto van de Heerlensche Motorclub. Bieze reed op een Excelsior en de motor in de foto heeft meer weg van een Triumph dan van een Excelsior. Het is dus heel waarschijnlijk dat dit niet Bieze is, maar de equipe Van Bergen Henegouwen-Schobben. Let op de grote koplamp en het op het voorspatbord gebonden koffer, met daar overheen een reserve buitenband.

Na enige minuten vertrokken ze weer, gewapend met twee reserve-kleppen, in de hoop hiermede het doel te zullen bereiken. Maar reeds vóór Susteren begon de ellende weer. Knak … .daar ging er weer een. Tot overmaat van ramp was de klepstop te vast aangedraaid, zoodat de gebroken klep er niet uit kon worden genomen. Toen hebben ze getoeft, tot er hulp kwam opdagen.

Na lang wachten kwam er een motorrijder uit de richting Susteren, die op hun verzoek dadelijk stopte en zoo bereidwillig was een extra zwaren sleutel voor hen te gaan halen. Tot Roermond ging alles goed, maar nu verplaatste de pech zich meer naar achteren, d.w.z. nu kregen ze een defecten riem te repareeren. Met veel succes reden ze door tot Nijmegen, was het mogelijk ? ? ? zelfs zonder pech. Juist kwamen de rijders weer een beetje op hun verhaal, toen de bestuurder zijn duo-passagier plotseling zag verbleeken, volgens zijn zeggen: “als een biljartlaken in de brandende zon”. Hij dacht, dat dit slechts een tijdelijke malaise zou wezen, maar kwam spoedig achter de oorzaak van deze ongewone kwaal van zijn tocht- en lotgenoot. Weer heeft de pechduivel ze te pakken, maar nu goed. Aan ontsnappen was geen mogelijkheid …. de zuiger was gesprongen. Goede raad was peperduur. Te voet naar Arnhem te gaan, daar viel niet aan te denken, aangezien de krachten voor andere doeleinden dan voor sleepdiensten bewaard dienden te worden. Dus werd er maar besloten te wachten tot er hulp kwam opdagen, al was het tot den volgenden morgen. Na lang wachten kwam er een huifkar aanrijden, maar zouden ze het wagen den eigenaar aan te roepen, dien ze eenigen tijd geleden onder het voorbij rijden hadden uitgescholden, omdat hij verkeerd was uitgeweken? ? ? Ze dachten niets te kunnen verliezen met het maar eens te probeeren. De mooiste zinnen werden samengeflanst en de grootste beleefdheid werd in acht genomen, waardoor zij het gedaan kregen, dat het wrak op den wagen werd medegenomen tot Arnhem. Om maar geen tijd te verliezen werd tijdens den rit, onder heen en weer schommelen, de geheele motor gedemonteerd, in de hoop in Arnhem een nieuwen zuiger machtig te kunnen worden. Dit viel echter leelijk tegen en de bestuurder was genoodzaakt naar Nijmegen terug te keeren, alwaar beslag werd gelegd op een Harley Davidson zuiger. In Arnhem teruggekomen, begon eerst het zware werk. Ter illustratie moge dienen, dat de stakkers 8 m.m. van de zuigerlagers hebben afgevijld, de groeven van den cylinder hebben uitgedraaid en de veeren passend hebben gemaakt.

Daarbij kwam, dat de afstand van het hart van de zuigeras tot aan den bovenkant van den zuiger 7 m.m. te groot was. Dit was echter niet het ergste, want door drie klingerietplaten onder den cylinder te leggen, werd dit euvel verholpen. Toen dit alles klaar was, bleek dat de tapeinden te kort waren, zoodat na al dit werk weer een plaat er tusschen uit verwijderd moest worden. Na 10 uren te hebben gewerkt, zonder eten of rusten, werd naar Apeldoorn gekoerst. Ongeveer 10 K.M. buiten Arnhem dachten ze, dat de H.D.-zuiger het begaf, maar het was gelukkig maar weer een klep…. Daar ze nog over één reserveklep beschikten, was het geheel binnen vijf minuten weer rijklaar. Zeer tot hun vreugde ontmoetten ze toen twee medestrijders, waarmede zij tezamen de Hoenderloosche woestijn ingingen. Al spoedig hadden ze voeling met den vijand gekregen, en nu begon eerst de zwaarste strijd. Tijdens het zoeken naar een geschikten weg door een met struikgewas begroeid terrein, maakten ze verschillende buitelingen, met het gevolg, dat de duo-passagier eenige malen op zijn hoofd kwam te staan. Den grootsten strop kregen ze, toen ze tusschen twee boomen door wilden koersen, en toen bleek, dat het stuur te breed was. Natuurlijk sloegen ze beiden over den kop. Uit den chaos van beenen werd, na eenige moeite, het bij het juiste lichaam passende stel weer terug gevonden, en welgemoed togen ze weer op weg. Juist toen ze weer op gang waren, bemerkten ze langs den weg een ongelukkige, die door toedoen van een slippende frictie niet meer verder kon. Daar ze toch niet meer voor den eersten prijs in aanmerking konden komen, hebben ze toen hun lotgenoot geholpen en werden tot dank beloond met een stevigen slok cognac…. Na een tijd van zwaren arbeid werd Ede bereikt. Hier werd tusschen de bedrijven door iets genuttigd, waarna de weg gevolgd werd tot Scherpenzeel. Juist vroeg de duo-passagier aan den bestuurder of hun nog meer pech stond te wachten, of de Triumph stond weer stil. Wat nu weer? ? ? Gelukkig beteekende het niet veel. De berijder stond reeds met een nieuwe klep gereed, toen bleek, dat alleen de klepstop er maar was afgevlogen. Dit was gauw verholpen en werd de eenmaal ingeslagen weg gevolgd, toen bleek, dat ze verkeerd waren gereden. Maar daarom niet getreurd….

Vier K.M. vóór Scherpenzeel gebeurde er iets, waar de berijder zich voor schaamt, om het te vertellen. De kostbare H.D.-zuiger was door midden gebroken. Reeds wilde v. B. een stuk hout opnemen, om aan zijn machine een kort einde te bezorgen, toen hij zich het consigne bedacht, dat hem voor zijn vertrek door zijn clubgenooten was medegegeven. Dit luidde: „volhouden". De motor werd tot Scherpenzeel gezeuld, waar v. B. weer begon te demonteeren. Sch. voerde hem gedurende dien tijd met cigaretten enz. Daarna werd vlug een auto gehuurd en doorgereden naar Amersfoort. Ofschoon het Zaterdag was, kon v. B. bij Eysink terecht, een zaak, waar hij vroeger jaren had gewerkt, en werd hem toegestaan met een monteur de fabriek te doorzoeken. Het lukte hem, na eenigen tijd zoeken, een passenden zuiger te vinden. Deze zuiger was echter voor zijn doel niet direct bruikbaar. Eerst werden door hem de lagers van de zuigeras uitgevijld en opgeruimd, waarna 7 m.M. van de zuigerlagers moest worden afgenomen en de zuiger met olie ½ m.M. werd ingeslepen. Het was hard werken en nu op te geven …. Kom, kom, er restte nog maar een heel klein stuk van de af te leggen route en nu te gaan staken…. Neen, dat was al te gek. Tegen ca. 7 uur ontmoetten zij den heer van Vlijmen en zijn staf, die hun mededeelden, dat als zij nu weer pech kregen, zij den strijd maar moesten opgeven. Doch de heeren hadden zich vergist in deze stoere rijders. Als eenig antwoord kregen zij: „Al gaat de onderste steen boven, er komen zullen we”. Hierop volgde een spontaan hoeraatje uit de auto. Om half acht zijn ze toen uit Scherpenzeel vertrokken en over Soest en Amersfoort naar Amsterdam gereden, alwaar ze om 10.20 aankwamen. In de Simplex-garage was alles al onder de wol en werd doorgereden tot Haarlem. Door den zwaren mist, het harde werken, enz. was den duopassagier zeker de angst om het hart geslagen. Hij vroeg tenminste herhaaldelijk aan v. B. of „Rotje" soms een sigaret wilde, of chocolade, of dat hij soms behoefte had aan rust? Maar v. B. sloeg daar geen acht op en reed maar steeds verder. Ongeveer 10 K.M. vóór Den Haag ging het licht uit, met gevolg dat Sch. van zijn duo-zit viel. Hij riep uit: „Goddank" en bleef stil liggen. Daar hij geen gevolg gaf aan het verzoek van v. B. om weer op te stappen, doch kalm bleef doorslapen, wist v. B. er niets anders op, dan eenige malen met zijn machine over hem heen te rijden. 12 uur des nachts zijn ze toen aan de Internationale aangekomen, waar alles in diepe rust was. Op hun gebel deed de nachtportier open, die zoo vriendelijk was hun kaart af te tekenen

Daarna zijn ze naar hotel Terminus gegaan, waar ze wel een weinig verdacht werden aangekeken, maar toch werden binnengelaten. Daar ze onderweg niets dan Kwatta en nog eens Kwatta hadden gegeten, gingen ze nog op zoek naar een hartig stukje eten, daar in het Hotel niets meer te krijgen was. Dat ze van hun bed genoten, behoef ik zeker niet te vertellen, en dat ze blij waren de eindstreep te hebben gehaald ? ? ? Nadat ik bericht had gekregen, dat van Bergen, Schobben en Eshuis Zondag reeds in Heerlen zouden aankomen, zijn we hen met ons allen per auto tegemoet gegaan tot Roermond. We wisten n.l. niet met zekerheid, of ze per trein of per motor zouden komen, maar reeds om 8 uur 's-avonds kwamen de H.M.C.ers in zicht. Na reeds zooveel K.M. te hebben geslikt, keken ze niet meer op een 250 of wat meer of minder. v. B. sprak weinig, alleen haalde hij stukken van zuigers, kleppen, riemen, lagers, enz. te voorschijn …. en we wisten al genoeg. Jan Eshuis had nog geen kennis gemaakt met Mijnheer Pech, doch kreeg vlak vóór Heerlen zijn beurt in den vorm van een lekken achterband. Schobben bofte, want die kreeg nog eens de gelegenheid onder den motor te gaan liggen, voordat deze stilstond. Hij kwam er echter goed af. In het clublokaal te Heerlen werden ze belangstellend ontvangen en ontbrak het hun niet aan welgemeende felicitaties. Wat deze drie deelnemers aan den W.B.R. hebben gepresteerd, is zeer mooi geweest, doch wat van B. en Sch. hebben medegemaakt, zal wel nimmer meer vertoond worden. Het is abnormaal, om nooit te vergeten….

H.”

Dat waren nog eens tijden!

Joost Heesakkers

Zwart-witadvertentie: ‘Ariël, de motor voor iedereen!’ Prijzen vanaf ƒ 555. ‘Zeer geschikt voor ieder bedrijf.’ Verkoper: Thijs van Bergen Henegouwen, Putgraaf tegenover Ziekenhuis Heerlen. Advertentie in een door de VVV-Heerlen uitgegeven blad in juni 1931.

Reacties

Nog geen reacties. Wees de eerste!

Draag bij

Weet jij meer over deze pagina? Laat het hier achter. Heb je er een foto van, stuur die dan meteen mee.

Locaties

Gerelateerde kentekens

Historische groepsfoto van motorrijders op een lange rij motorfietsen voor een hotel-restaurant, met een grote groep toeschouwers achter hen. Historische groepsfoto van motorrijders met petten en leren jassen, poserend op een lange rij motorfietsen voor een hotel-restaurant, met toeschouwers achter hen.
1 foto's

P-1049

J.J. Dabekaussen Heerlen Triumph
Historische groepsfoto van motorrijders op een lange rij motorfietsen voor een hotel-restaurant, met een grote groep toeschouwers achter hen. Historische groepsfoto van motorrijders met petten en leren jassen, poserend op een lange rij motorfietsen voor een hotel-restaurant, met toeschouwers achter hen.
1 foto's

P-1279

P.H. Houtackers Schaesberg

P-1503

Garage Moderne Heerlen
Historische groepsfoto van motorrijders op een lange rij motorfietsen voor een hotel-restaurant, met een grote groep toeschouwers achter hen. Historische groepsfoto van motorrijders met petten en leren jassen, poserend op een lange rij motorfietsen voor een hotel-restaurant, met toeschouwers achter hen.
1 foto's

P-1722

L. A. H. Haemers Heerlen Reading-Standard
Historische groepsfoto van motorrijders op een lange rij motorfietsen voor een hotel-restaurant, met een grote groep toeschouwers achter hen. Historische groepsfoto van motorrijders met petten en leren jassen, poserend op een lange rij motorfietsen voor een hotel-restaurant, met toeschouwers achter hen.
1 foto's

P-1762

P. L. Meijs Heerlen NSU
Historische groepsfoto van motorrijders op een lange rij motorfietsen voor een hotel-restaurant, met een grote groep toeschouwers achter hen. Historische groepsfoto van motorrijders met petten en leren jassen, poserend op een lange rij motorfietsen voor een hotel-restaurant, met toeschouwers achter hen.
1 foto's

P-1915

H. Horn Heerlen Harley-Davidson
Historische groepsfoto van motorrijders op een lange rij motorfietsen voor een hotel-restaurant, met een grote groep toeschouwers achter hen. Historische groepsfoto van motorrijders met petten en leren jassen, poserend op een lange rij motorfietsen voor een hotel-restaurant, met toeschouwers achter hen.
1 foto's

P-1963

E. M. J. van de Voort Nieuwenhagen Triumph H
Historische groepsfoto van motorrijders op een lange rij motorfietsen voor een hotel-restaurant, met een grote groep toeschouwers achter hen. Historische groepsfoto van motorrijders met petten en leren jassen, poserend op een lange rij motorfietsen voor een hotel-restaurant, met toeschouwers achter hen.
1 foto's

P-2906

J. H. A. D. Schobben Ubach over Worms Rover
Historische groepsfoto van motorrijders op een lange rij motorfietsen voor een hotel-restaurant, met een grote groep toeschouwers achter hen. Historische groepsfoto van motorrijders met petten en leren jassen, poserend op een lange rij motorfietsen voor een hotel-restaurant, met toeschouwers achter hen.
1 foto's

P-3129

P. P. H. G. Scheffers Brunssum Indian Big Twin
Historische groepsfoto van motorrijders op een lange rij motorfietsen voor een hotel-restaurant, met een grote groep toeschouwers achter hen. Historische groepsfoto van motorrijders met petten en leren jassen, poserend op een lange rij motorfietsen voor een hotel-restaurant, met toeschouwers achter hen.
1 foto's

P-3138

J. H. M. Uitewaal Heerlen Douglas

Gerelateerde eigenaren

P. L. Meijs

P. L. Meijs

J. H. A. D. Schobben

J. H. A. D. Schobben

L. A. H. Haemers

L. A. H. Haemers

J. H. M. Uitewaal

J. H. M. Uitewaal

H. Horn

H. Horn

J.J. Dabekaussen

J.J. Dabekaussen

P.H. Houtackers

P.H. Houtackers

Garage Moderne

Garage Moderne